Parlementair Stelsel
Leer over de werking van het Nederlandse parlement, het wetgevingsproces en parlementaire instrumenten.
Structuur van het Parlement
Tweede Kamer
Direct gekozen
Medewetgevend + Controlerend
Eerste Kamer
Indirect gekozen
Chambre de reflection
Verschillen tussen de Kamers
| Aspect | Tweede Kamer | Eerste Kamer |
|---|---|---|
| Zetels | 150 | 75 |
| Verkiezing | Direct door kiezers | Indirect via Provinciale Staten |
| Recht van initiatief | Ja | Nee |
| Recht van amendement | Ja | Nee |
| Wetsvoorstellen | Kan wijzigen | Alleen aannemen of verwerpen |
| Budgetrecht | Volledig | Beperkt |
| Enqueterecht | Ja | Ja |
| Functie | Politieke arena | Kwaliteitscontrole (last check) |
Belangrijke rollen
Kamervoorzitter
Leidt vergaderingen, bewaakt de orde, is neutraal
Griffier
Hoogste ambtenaar van de Kamer, ondersteunt voorzitter
Fractievoorzitter
Leider van een partij in de Kamer, woordvoerder
Commissievoorzitter
Leidt een vaste of tijdelijke Kamercommissie
Het Wetgevingsproces
Voorbereiding
Een ministerie schrijft een wetsvoorstel, vaak na consultatie van belanghebbenden.
Advies Raad van State
De Raad van State geeft onafhankelijk advies over juridische kwaliteit en uitvoerbaarheid.
Indiening bij Tweede Kamer
De minister stuurt het voorstel naar de Tweede Kamer. Het krijgt een nummer.
Commissiebehandeling
Een vaste Kamercommissie bespreekt het voorstel, stelt vragen en organiseert hoorzittingen.
Plenaire behandeling Tweede Kamer
Debat in de voltallige Kamer. Kamerleden kunnen amendementen en moties indienen.
Motie: Uitspraak van de Kamer (niet bindend)
Stemming Tweede Kamer
Stemming over amendementen en het (gewijzigde) wetsvoorstel. Meerderheid = aangenomen.
Behandeling Eerste Kamer
De Eerste Kamer kan alleen aannemen of verwerpen, niet wijzigen.
Bekrachtiging en publicatie
De Koning en de verantwoordelijke minister ondertekenen. Publicatie in het Staatsblad.
Parlementaire Instrumenten
Controlemiddelen
Vragenrecht
Kamerleden kunnen schriftelijke en mondelinge vragen stellen aan ministers.
Schriftelijk: Binnen 3 weken antwoord, geen debat
Mondeling (vragenuur): Elke dinsdag, korte vragen en antwoorden
Interpellatie
Spoeddebat over een onderwerp dat niet op de agenda staat.
Een Kamerlid vraagt verlof aan de Kamer om een minister ter verantwoording te roepen over een actuele kwestie.
Vereist: Steun van minimaal 30 Kamerleden
Motie
Uitspraak van de Kamer, vaak aan het einde van een debat.
Soorten:
- Motie van wantrouwen - vraagt om aftreden
- Motie van afkeuring - spreekt afkeuring uit
- Motie met verzoek - vraagt actie van regering
Bindend? Juridisch niet, maar politiek wel zwaarwegend
Enqueterecht
Diepgaand onderzoek met getuigen onder ede.
Zwaarste controlemiddel. Een enquetecommissie kan getuigen onder ede horen (meineed is strafbaar).
Recent: Parlementaire enquete Groningen, Toeslagenaffaire
Inlichtingenrecht
Ministers zijn verplicht inlichtingen te geven aan de Kamer.
Vastgelegd in artikel 68 Grondwet. Ministers moeten antwoord geven, tenzij het belang van de staat zich daartegen verzet.
Budgetrecht
De Kamer moet de begroting goedkeuren.
Jaarlijks op Prinsjesdag presenteert de regering de Miljoenennota en departementale begrotingen. De Kamer kan deze wijzigen.
Begrotingsbehandeling: September-december (Algemene Politieke Beschouwingen + vakbegrotingen)
Wetgevende instrumenten
Recht van initiatief
Kamerleden kunnen zelf wetsvoorstellen indienen.
Een initiatiefwet doorloopt hetzelfde proces, maar het Kamerlid verdedigt het voorstel in plaats van een minister.
Recht van amendement
Kamerleden kunnen wijzigingen voorstellen op wetsvoorstellen.
Een amendement wijzigt de wettekst zelf. Wordt apart in stemming gebracht voor de eindstemming over de wet.
Kabinetsformatie
Stappen in de formatie
Verkiezingsuitslag
De zetelverdeling is bekend. Geen enkele partij heeft ooit een absolute meerderheid (76 zetels).
Verkenner
De Tweede Kamer benoemt een verkenner die gesprekken voert met alle fractievoorzitters over mogelijke coalities.
Informateur
Onderzoekt of een bepaalde coalitie een werkbare meerderheid kan vormen. Leidt de onderhandelingen.
Regeerakkoord
De coalitiepartijen onderhandelen over beleid en verdelen de ministersposten.
Formateur
Meestal de beoogd minister-president. Stelt het kabinet samen en vraagt kandidaat-ministers.
Constituerende vergadering
Eerste vergadering van het nieuwe kabinet. De ministers aanvaarden het regeerakkoord.
Beediging
De Koning beedigt de nieuwe ministers en staatssecretarissen op Paleis Huis ten Bosch.
Regeringsverklaring
De minister-president legt de plannen voor aan de Tweede Kamer. Debat over het regeerakkoord.
Kabinetsvormen
| Type | Omschrijving | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Meerderheidskabinet | Coalitie met meer dan 76 zetels | Rutte III (76 zetels) |
| Minderheidskabinet | Coalitie met minder dan 76 zetels | Rutte I (52 zetels, gedoogsteun PVV) |
| Gedoogkabinet | Steun van buitenaf, partij niet in kabinet | Rutte I (PVV gedoogpartner) |
| Demissionair kabinet | Kabinet na val of verkiezingen, beperkte bevoegdheid | Controversiele zaken worden niet behandeld |