Comparatief Voordeel

Stel de productiekosten per eenheid in voor twee landen en twee goederen.

Land A

Land B

Handelsbalans Simulator

Comparatief voordeel: Een land heeft een comparatief voordeel als het een goed kan produceren tegen lagere opportuniteitskosten dan een ander land.

Opportuniteitskosten X = kosten X / kosten Y

Analyse Comparatief Voordeel

Goed X (uren) Goed Y (uren) OC van X (in Y) OC van Y (in X)
Land A 4 8 0.50 2.00
Land B 6 3 2.00 0.50
Conclusie:

Handelsbalans

50
Export (mld)
45
Import (mld)
10
Lopende Rekening

Oefening: Handelsvoordeel

Nederland produceert 1 fiets in 5 uur en 1 kaas in 2 uur. Belgie produceert 1 fiets in 8 uur en 1 kaas in 4 uur. Wat zijn de opportuniteitskosten van een fiets voor Nederland (uitgedrukt in kazen)?

Wisselkoers Simulator

Simuleer het effect van economische factoren op de wisselkoers EUR/USD.

Wisselkoersstelsel

Zwevend: de wisselkoers wordt bepaald door vraag en aanbod op de valutamarkt.

Koopkrachtpariteit:
E = P_binnenland / P_buitenland

Rentepariteit: Kapitaal stroomt naar de hoogste reele rente, waardoor de valuta van dat land apprecieert.

EUR/USD Wisselkoers

1.10
EUR/USD Koers
0.0%
Verandering
-
Effect op Export
Analyse:

Pas de parameters aan om het effect op de wisselkoers te zien.

Oefening: Wisselkoersberekening

Een Nederlandse exporteur verkoopt goederen ter waarde van $100.000. De wisselkoers is EUR/USD = 1.10 (1 euro = 1.10 dollar). Hoeveel euro ontvangt de exporteur?

EU-beleid

De Europese Interne Markt

De interne markt van de EU is gebaseerd op vier vrijheden:

  • Vrij verkeer van goederen - Geen invoerrechten tussen EU-landen
  • Vrij verkeer van diensten - Bedrijven mogen in alle EU-landen diensten aanbieden
  • Vrij verkeer van personen - Burgers mogen wonen en werken in elk EU-land
  • Vrij verkeer van kapitaal - Geld mag vrij bewegen tussen EU-landen
Convergentiecriteria (Maastricht):
- Inflatie: max 1,5% boven gemiddelde 3 beste
- Begrotingstekort: max 3% BBP
- Staatsschuld: max 60% BBP
- Rente: max 2% boven gemiddelde 3 beste

Tijdlijn Europese Integratie

1957 - Verdrag van Rome: oprichting EEG door 6 landen
1968 - Douane-unie voltooid: geen onderlinge invoerrechten
1986 - Europese Akte: streven naar echte interne markt
1992 - Verdrag van Maastricht: EU opgericht, EMU-criteria
1999 - Euro ingevoerd als girale munt
2002 - Euro-munten en -biljetten in omloop
2004 - Grote uitbreiding: 10 nieuwe lidstaten (vooral Oost-Europa)
2010 - Eurocrisis: Griekenland, noodfondsen (EFSF/ESM)
2020 - Brexit: VK verlaat de EU

Globalisering: Voor- en Nadelen

Voordelen

  • Lagere prijzen door specialisatie
  • Meer productkeuze voor consumenten
  • Kennisoverdracht en innovatie
  • Hogere economische groei
  • Schaalvoordelen voor bedrijven

Nadelen

  • Ongelijke verdeling welvaart
  • Verlies van banen in bepaalde sectoren
  • Milieudruk door meer transport
  • Afhankelijkheid van buitenland
  • Race to the bottom (belasting, lonen)

Oefening: EU-convergentiecriteria

Land X heeft een begrotingstekort van 4,2% van het BBP en een staatsschuld van 55% van het BBP. Voldoet dit land aan de Maastricht-criteria voor deze twee indicatoren?

Quiz Internationale Economie

Test je kennis over internationale handel, wisselkoersen, EU-beleid en globalisering.

Vraag 1 / 10