Werkwoordstijden (Fiil Zamanlari)

Het Turks kent verschillende werkwoordstijden. De stam van het werkwoord is het infinitief zonder -mek of -mak.

Klinkerharmonie

In het Turks moet het achtervoegsel passen bij de laatste klinker van het woord. Dit heet klinkerharmonie (sesli uyumu). Achterklinkers (a, i, o, u) passen bij achterachtervoegsels; voorklinkers (e, i, ö, ü) bij voorachtervoegsels.

Tegenwoordige tijd (Simdiki zaman)

Achtervoegsel: -(i)yor + persoonsuitgang

Persoon Uitgang Voorbeeld (gelmek - komen) Vertaling
Ben (ik)-iyorumgeliyorumik kom
Sen (jij)-iyorsungeliyorsunjij komt
O (hij/zij)-iyorgeliyorhij/zij komt
Biz (wij)-iyoruzgeliyoruzwij komen
Siz (jullie/u)-iyorsunuzgeliyorsunuzjullie komen
Onlar (zij)-iyorlargeliyorlarzij komen
Okula gidiyorum.
Ik ga naar school.
git- (gaan) + -iyor- (teg. tijd) + -um (ik) = gidiyorum

Verleden tijd (Gecmis zaman)

Achtervoegsel: -di/-di/-du/-dü + persoonsuitgang

Persoon Voorbeeld (yazmak - schrijven) Vertaling
Benyazdimik schreef
Senyazdinjij schreef
Oyazdihij/zij schreef
Bizyazdikwij schreven
Sizyazdinizjullie schreven
Onlaryazdilarzij schreven

Toekomende tijd (Gelecek zaman)

Achtervoegsel: -ecek/-acak + persoonsuitgang

Persoon Voorbeeld (okumak - lezen) Vertaling
Benokuyacagimik zal lezen
Senokuyacaksinjij zal lezen
Ookuyacakhij/zij zal lezen
Bizokuyacagizwij zullen lezen
Sizokuyacaksinizjullie zullen lezen
Onlarokuyacaklarzij zullen lezen

Oefeningen: Werkwoorden

Vraag 1 van 8 Score: 0/0

Naamvallen (Haller)

Het Turks heeft 6 naamvallen. Ze worden gevormd door suffixen aan het zelfstandig naamwoord toe te voegen.

Naamval Suffix Functie Voorbeeld (ev = huis) Vertaling
Nominatief-Onderwerpevhuis
Accusatief-(y)iLijdend voorwerpevihet huis
Datief-(y)eRichting (naar)evenaar het huis
Locatief-dePlaats (in/op)evdein het huis
Ablatief-denHerkomst (van/uit)evdenuit het huis
Genitief-(n)inBezit (van)evinvan het huis
Okuldan eve gidiyorum.
Ik ga van school naar huis.
okul + -dan (ablatief: vanuit) | ev + -e (datief: naar)
Kitap masada.
Het boek is op de tafel.
masa + -da (locatief: op/in)

Oefeningen: Naamvallen

Vraag 1 van 6 Score: 0/0

Bezitsvormen (Iyelik Ekleri)

In het Turks geef je bezit aan met suffixen. Er zijn bezitssuffixen voor alle personen.

Persoon Suffix (na klinker) Suffix (na medeklinker) Voorbeeld (ev = huis) Vertaling
Benim (mijn)-m-imevimmijn huis
Senin (jouw)-n-inevinjouw huis
Onun (zijn/haar)-si-ievizijn/haar huis
Bizim (ons)-miz-imizevimizons huis
Sizin (jullie)-niz-inizevinizjullie huis
Onlarin (hun)-lari-lerievlerihun huis

Let op: klinkerharmonie bij bezitssuffixen

De klinker in het suffix past bij de laatste klinker van het woord: -im/-im/-um/-üm. Voorbeeld: kitabim (mijn boek), gözüm (mijn oog).

Benim arabam kirmizi.
Mijn auto is rood.
araba (auto) + -m (mijn, na klinker) = arabam
Senin ögretmenin kim?
Wie is jouw leraar?
ögretmen (leraar) + -in (jouw, na medeklinker) = ögretmenin

Oefeningen: Bezitsvormen

Vraag 1 van 6 Score: 0/0

Ontkenning (Olumsuz) & Vraagzinnen (Soru)

Ontkenning

In het Turks maak je een werkwoord ontkennend met -me/-ma (na de stam, voor de tijdsuitgang).

Positief Negatief Vertaling
geliyorumgelmiyorumik kom niet
gittimgitmedimik ging niet
yapacagimyapmayacagimik zal niet doen

Speciale regel: tegenwoordige tijd + ontkenning

Bij -iyor verandert -me/-ma naar -mi/-mi/-mu/-mü door de klinkerharmonie met de -yor uitgang.
Bijvoorbeeld: gel + miyor + um = gelmiyorum (ik kom niet)

Vraagzinnen

Vraagzinnen maak je met het vraagpartikel mi/mi/mu/mü (geschreven als los woord).

Stelling Vraag Vertaling
Geliyorsun.Geliyor musun?Kom je?
Türk.Türk müsün?Ben je Turks?
Bu kitap.Bu kitap mi?Is dit het boek?
Yarin okula gidecek misin?
Ga je morgen naar school?
Stelling + mi + persoonsuitgang = vraag

Vraagwoorden

Turks Nederlands Voorbeeld
Ne?Wat?Ne istiyorsun? (Wat wil je?)
Kim?Wie?Kim geliyor? (Wie komt er?)
Nerede?Waar?Nerede oturuyorsun? (Waar woon je?)
Ne zaman?Wanneer?Ne zaman geleceksin? (Wanneer kom je?)
Nasil?Hoe?Nasil gidiyorsun? (Hoe ga je?)
Neden? / Niye?Waarom?Neden gelmiyorsun? (Waarom kom je niet?)

Oefeningen: Ontkenning & Vragen

Vraag 1 van 6 Score: 0/0