Scenario 1: De Sociale Piramide
Begrip: Sociale Stratificatie
De verdeling van mensen in de samenleving naar verschillende lagen of klassen. Deze indeling is gebaseerd op factoren zoals inkomen, opleiding en beroep.
Scenario 2: Kansen en Keuzes
Marijn (15 jaar)
Woont in Rotterdam-Zuid
Begrip: Sociale Ongelijkheid
Verschillen tussen mensen in kansen, mogelijkheden en middelen. Je startpositie (waar je geboren wordt) heeft invloed op je kansen in het leven.
Welke keuze maakt Marijn?
VMBO volgen
Praktischer onderwijs, sneller aan het werk. Goede baanzekerheid in techniek.
HAVO proberen
Uitdagender, maar meer mogelijkheden voor HBO. Hogere drempel.
Direct gaan werken
Meteen geld verdienen, maar beperkte doorgroeimogelijkheden.
Scenario 3: Sociale Mobiliteit
Begrip: Sociale Mobiliteit
Stijgende mobiliteit: iemand komt in een hogere sociale klasse terecht dan waar hij/zij vandaan komt.
Dalende mobiliteit: iemand komt in een lagere sociale klasse terecht.
Horizontale mobiliteit: iemand blijft in dezelfde klasse.
Kies een levenspad om te verkennen:
Stijgende mobiliteit
Marijn koos voor HAVO, daarna HBO, en werkt nu als projectmanager.
Horizontale mobiliteit
Marijn deed VMBO en MBO, en werkt nu als monteur. Stabiel inkomen.
Dalende mobiliteit
Door tegenslag en schulden kwam Marijn in financiele problemen.
Scenario 4: Vormen van Ongelijkheid
Drie vormen van ongelijkheid
1. Economische ongelijkheid: Verschillen in inkomen en vermogen
2. Sociale ongelijkheid: Verschillen in aanzien en status
3. Politieke ongelijkheid: Verschillen in macht en invloed
Situatie 1
"De 10% rijkste Nederlanders bezit meer dan de helft van al het vermogen."
Situatie 2
"Een arts wordt met meer respect behandeld dan een vuilnisman, ook al zijn beide beroepen belangrijk."
Situatie 3
"Grote bedrijven kunnen lobbyisten betalen om politici te beinvloeden."
Kies het type ongelijkheid:
Samenvatting: Wat heb je geleerd?
Geleerde begrippen
- Sociale stratificatie - De verdeling van de samenleving in lagen/klassen
- Sociale ongelijkheid - Verschillen in kansen en mogelijkheden
- Sociale mobiliteit - Beweging tussen sociale klassen (stijgend/dalend/horizontaal)
- Economische ongelijkheid - Verschillen in inkomen en vermogen
- Sociale ongelijkheid - Verschillen in status en aanzien
- Politieke ongelijkheid - Verschillen in macht en invloed
- Startpositie - De sociale klasse waarin je geboren wordt
- Sociale klasse - Groep mensen met vergelijkbare status, inkomen en opleiding
Onthoud
In Nederland is er sociale ongelijkheid, maar er is ook veel sociale mobiliteit mogelijk. Onderwijs speelt een belangrijke rol bij het vergroten van kansen. De overheid probeert met beleid (zoals studiefinanciering en sociale zekerheid) de ongelijkheid te verkleinen.