Leer over computernetwerken, protocollen en beveiliging
Elk apparaat op een netwerk heeft een uniek IP-adres. IPv4: 192.168.1.1 (32 bits). IPv6: veel meer adressen (128 bits). Je thuisnetwerk gebruikt vaak 192.168.x.x adressen.
4 lagen: Applicatielaag (HTTP, FTP), Transportlaag (TCP, UDP), Internetlaag (IP), Netwerktoegangslaag (Ethernet, WiFi). Data wordt per laag ingepakt (encapsulatie).
Domain Name System vertaalt domeinnamen (google.com) naar IP-adressen. Werkt als het telefoonboek van het internet.
HTTP verstuurt data onversleuteld. HTTPS gebruikt SSL/TLS encryptie. Altijd HTTPS gebruiken voor gevoelige gegevens!
Symmetrisch: dezelfde sleutel voor versleutelen en ontsleutelen (AES). Asymmetrisch: publieke en privésleutel (RSA). HTTPS gebruikt beide.
Sterk wachtwoord: minimaal 12 tekens, mix van letters, cijfers en symbolen. Gebruik een wachtwoordmanager. Nooit hetzelfde wachtwoord hergebruiken.
Aanvallers doen zich voor als betrouwbare partij. Let op: verdachte URL's, spelfouten, urgentie. Controleer altijd het e-mailadres van de afzender.
Bewaakt het netwerkverkeer. Blokkeert ongewenste verbindingen. Kan op hardware (router) of software (OS) niveau werken.
"Beste klant, uw account wordt geblokkeerd. Klik hier om uw gegevens te verifiëren: http://bank-verify.suspicious-site.com"
Dit is phishing! De URL is niet van je bank. Echte banken vragen nooit om gegevens via e-mail.