Ecosysteem Explorer

Ontdek voedselketens, kringlopen, biodiversiteit en meer.

Wat is een voedselketen?

Een voedselketen laat zien hoe energie van het ene organisme naar het andere stroomt. Elke schakel is een trofisch niveau.

Voorbeeld: Bos-ecosysteem

Eikenboom Rups Koolmees Sperwer

ProducerPrimaire consumentSecundaire consumentTertiaire consument

Voorbeeld: Aquatisch ecosysteem

Fytoplankton Watervlo Snoek Blauwe reiger

Belangrijke begrippen

  • Producent: Maakt organische stoffen (fotosynthese)
  • Consument: Eet andere organismen
  • Reducent: Breekt dood materiaal af (schimmels, bacterien)
  • Trofisch niveau: Positie in de voedselketen

Interactief Voedselweb

Klik op een organisme om te zien wat het eet en waardoor het gegeten wordt.

Klik op een organisme hierboven.

Wat als een soort verdwijnt?

In een voedselweb zijn organismen via meerdere routes verbonden. Als een soort verdwijnt, worden soorten die ervan afhankelijk zijn ook beinvloed. Hoe meer verbindingen, hoe stabieler het ecosysteem.

Koolstofkringloop

FotosynthesePlanten nemen CO2 op en maken glucose.
ConsumptieDieren eten planten en nemen koolstof op.
VerbrandingCelademhaling zet glucose om, CO2 komt vrij.
DecompositieReducenten breken dood materiaal af, CO2 vrij.
Fossiele brandstoffenVerbranding van olie/gas voegt extra CO2 toe.

Stikstofkringloop

StikstofbindingBacterien zetten N2 om in ammonium (NH4+).
NitrificatieBacterien zetten NH4+ om in nitraat (NO3-).
OpnamePlanten nemen nitraat op via de wortels.
ConsumptieDieren krijgen stikstof via voedsel (eiwitten).
DenitrificatieBacterien zetten nitraat terug om in N2.

Ecologische Piramide

Bij elke stap in de voedselketen gaat circa 90% van de energie verloren (warmte, beweging). Daarom zijn er altijd minder toppredatoren dan producenten.

Toppredator (1)
Secundaire consument (10)
Primaire consument (100)
Producenten (1000)

10%-regel: Slechts ~10% van de energie wordt doorgegeven aan het volgende trofische niveau.

Soorten piramides

  • Aantalspiramide: Aantal organismen per niveau
  • Biomassapiramide: Totale massa per niveau
  • Energiepiramide: Energiestroom per niveau (altijd piramidevorm)

Populatiedynamiek

De grootte van een populatie wordt bepaald door het samenspel van:

  • Geboorte en immigratie (toename)
  • Sterfte en emigratie (afname)

Groeimodellen

  • J-curve (exponentiele groei): Onbeperkte groei zonder remmende factoren. Komt zelden voor in de natuur.
  • S-curve (logistische groei): Groei vlakt af bij de draagkracht van het milieu. Meest realistisch.

Draagkracht (K): Het maximaal aantal individuen dat een ecosysteem kan ondersteunen.

Dichtheidsafhankelijke factoren

  • Voedselcompetitie, ziektes, predatie
  • Hoe groter de populatie, hoe sterker deze factoren werken

Dichtheidsonafhankelijke factoren

  • Natuurrampen, klimaatverandering, seizoenen
  • Werken ongeacht de populatiegrootte

Wat is biodiversiteit?

Biodiversiteit is de verscheidenheid aan leven op drie niveaus:

  • Genetische diversiteit: Variatie binnen een soort
  • Soortenrijkdom: Aantal verschillende soorten
  • Ecosysteemdiversiteit: Variatie in ecosystemen

Belang van biodiversiteit

  • Stabiliteit van ecosystemen
  • Bestuiving, waterzuivering, bodemvruchtbaarheid
  • Medicinale toepassingen
  • Veerkracht tegen klimaatverandering

Bedreigingen

  • Habitatverlies: Ontbossing, verstedelijking
  • Klimaatverandering: Verschuiving leefgebieden
  • Invasieve soorten: Verdringen inheemse soorten
  • Vervuiling: Pesticiden, plastic, stikstof
  • Overexploitatie: Overbevissing, jacht

Quiz: Ecosystemen